Aansprakelijkheid voor defecte producten volgens de verbruikscode

De consumentencode in artikelen 114-127 voorziet in een bijzondere vorm van compensatie voor schade veroorzaakt door defecte producten door de fabrikant (en de leverancier).

Aansprakelijkheid voor defecte producten volgens de verbruikscode

Begrip van defecte product

voorbeeld van schade door een defect product

Hebt u een product gekocht dat niet werkte zoals het zou moeten en heeft het u juist beschadigd? Laten we eens kijken wat de consumentencode daarover zegt.

de begrip van product, voor het geval in kwestie, wordt gegeven doorart. 115, kabeljauw. cons. (D.Ltd 206/2005), waarvoor het is geproduceerd 1. elk mobiel goed, zelfs indien opgenomen in een ander roerend of onroerend goed. 2. Het wordt als een product beschouwd ook elektriciteit.
Volgens de consumentencode is een product dat wel slecht als het biedt niet de zekerheid die in alle omstandigheden gerechtvaardigd kan worden verwacht, zoals: a) de manier waarop het product in omloop is gebracht, de presentatie ervan, de voor de hand liggende kenmerken, de instructies en de verstrekte waarschuwingen; b) het gebruik waarvoor het product redelijkerwijs kan worden bestemd en het gedrag dat, in relatie daarmee, redelijkerwijs te voorzien is; c) het tijdstip waarop het product in de handel werd gebracht. Bovendien hetzelfde art. 117 dan biedt dat 2. Een product kan niet als gebrekkig worden beschouwd, eenvoudigweg omdat een meer verfijnd product op elk moment is verkocht en dat 3. Een product is defect als het niet de beveiliging biedt die normaal door de andere exemplaren van dezelfde serie wordt geboden (art. 117 kabeljauw. cons.).
Het idee van veilig product we worden gegeven doorart. 103, cod. cons., volgens welke het is a) veilig product: elk product, zoals gedefinieerd in artikel 3, lid 1, letter e), dat onder normale of redelijkerwijs te verwachten gebruiksomstandigheden, inclusief de duur en, in voorkomend geval, de inbedrijfstelling, installatie en onderhoud, geen risico's opleveren of slechts minimale risico's bieden, compatibel zijn met het gebruik van het product en als aanvaardbaar worden beschouwd in overeenstemming met een hoog niveau van bescherming van de gezondheid en veiligheid van personen in dienst, in het bijzonder de volgende elementen: 1) de kenmerken van het product, met name de samenstelling, de verpakking, de wijze van montage en, indien van toepassing, de installatie en het onderhoud ervan; 2) het effect van het product op andere producten, als redelijkerwijs te voorzien is om de eerste met de laatste te gebruiken; 3) de presentatie van het product, de etikettering ervan, eventuele waarschuwingen en instructies voor het gebruik en de eliminatie ervan, alsmede alle andere aanduidingen of informatie met betrekking tot het product; 4) van de categorieƫn consumenten die een risico lopen bij het gebruik van het product, met name van minderjarigen en ouderen.
Daaruit volgt het is niet genoeg dat het product eenvoudig onveilig is, maar voor de toepassing van de compensatie moeten de bijkomende voorwaarden voorzien door de norm worden gecontroleerd en bewezen.
The Court of Legitimacy - met de zin n. 13458 van 2013 heeft onlangs vastgesteld op het punt dat het is de moeite waard er op te wijzen - en ook als een integrale benchmark het concept van veilig product in de algemene productveiligheidsregelgeving (bovendien, na de feiten waarover u het heeft) te nemen waarnaar in D.Lgs. N. 172 van 2004, nu gereproduceerd inart. 103 Consumentencode - dat het voorgeschreven veiligheidsniveau, waaronder het product als gebrekkig moet worden beschouwd, niet overeenstemt met dat van zijn striktere onschadelijkheid, maar veeleer moet verwijzen naar de veiligheidseisen die de gebruiker in het algemeen verlangt met betrekking tot de omstandigheden specifiek aangegeven doorart. 5 boven cit. of andere concrete elementen die kunnen worden geƫvalueerd en concreet beoordeeld door de rechtbank van verdienste, waarbinnen uiteraard de beveiligingsnormen die kunnen worden opgelegd door de relevante voorschriften kunnen en moeten worden opgenomen.
In dit verband heeft het Hof opgemerkt dat de schade niet op zichzelf indirect de gevaarlijkheid van het product onder normale gebruiksomstandigheden aantoont, maar slechts een meer onbepaald gevaar dat het product zelf onvoldoende is om de verantwoordelijkheid van de producent vast te stellen, zo niet er wordt ook concreet vastgesteld dat de specifieke onveilige staat van het product onder het door de gebruiker vereiste niveau van betrouwbaarheidsgarantie of door de relevante wetgeving (dus Cass. 13 december 2010, n. 25116 (Cass. n. 13458/2013).
Het concept is daarom anders dan dat van ondeugden waarnaar wordt verwezen in de burgerlijke code, of van gebrek aan overeenstemming bedoeld in Artikelen. 128 en ss., kabeljauw. cons. (waar het geregeld is de garantie voor conformiteit); in feite in de zin n. 13458 Er wordt ook gesteld dat dit concept niet overeenkomt het begrip "gebrek" bekend uit het burgerlijk wetboek (art. 1490 kabeljauw. civ. en seg.), wat wordt aangemerkt als een onvolkomenheid van het eigendom en mogelijk zelfs niet leidt tot productonzekerheid; evenmin valt het samen met het gebrek aan overeenstemming geĆÆntroduceerd door de discipline bij de verkoop van consumptiegoederen, postuleren - zoals opgevat door de wetgeving in kwestie - een gevaar voor de persoon die gebruik maakt van het product of voor degenen die echter in contact zijn ermee (Cass. n. 13458/2013).

Defecte producten en schadevergoeding

voorbeeld van een defect product

De compensabele schade volgens de speciale regels van de consumentencode die wordt onderzocht, is alleen die veroorzaakt door de dood of van persoonlijk letsel of bestaande uit vernietiging of in achteruitgang van iets anders dan het defecte product, op voorwaarde dat het normaal bedoeld is voor privƩgebruik of consumptie en dus voornamelijk wordt gebruikt door de beschadigde partij en, voor schade aan eigendommen, alleen als ze het bedrag van driehonderdvijftig euro overschrijden (zie art. 123 kabeljauw. cons.).
In andere gevallen wordt verwezen naar de algemene normatieve code, die in hoofdzaak wordt gegeven door de artikelen 2043 c.c. en 2050 c.c.

Bewijs van schade

Volgens de gewone canones van het burgerlijk wetboek (waarnaar wordt verwezen)art. 2043 c.c., basisregel terzake) om schadevergoeding te verkrijgen, moet de gelaedeerde de schade bewijzen, de link leggen met de schadelijke actie en het subjectieve element (wezenlijk gekoppeld aan de wil).
Er zijn ook gevallen waarin de gelaedeerde in plaats daarvan slechts enkele van de elementen hoeft te bewijzen, met uitsluiting van het subjectieve element; dit omdat ze vormen van verantwoordelijkheid zijn die verder gaan dan de wil van de agent: hij zal nog steeds reageren op de schade. Deze hypothesen omvatten die van aansprakelijkheid voor defecte producten in kwestie. In feite, volgensArtikel 120 de beschadigde moet proberen het defect, de schade en het oorzakelijk verband tussen defect en schade.
Op zijn beurt, de producent, om vrij te krijgen, moet bewijzen dat de feiten die aansprakelijkheid kunnen uitsluiten volgens de bepalingen vanArtikel 118. Voor het doel vanuitsluiting van aansprakelijkheid omdat het gebrek dat de schade veroorzaakte niet bestond op het moment dat het in omloop werd gebracht (art. 118, co.1, lett. b) het volstaat om aan te tonen dat, gezien de omstandigheden, het waarschijnlijk is dat het gebrek nog niet bestond toen het product in het verkeer werd gebracht (v. art. 120, co.2, cod. cons.).

Defect product en hoofdelijke aansprakelijkheid

Allereerst wordt het als verantwoordelijk beschouwd de producent (V. art. 114 kabeljauw. cons.), die voor de toepassing van de wetgeving in kwestie wordt gedefinieerd als de fabrikant van het eindproduct of een onderdeel daarvan, de producent van de grondstof, alsmede, voor de landbouwproducten van de bodem en die van de fokkerij, de visserij en de jacht, respectievelijk de landbouwer, de kweker, de visser en de jager (art. 115, kabeljauw. cons.).
Als de fabrikant niet is geĆÆdentificeerd, geldt dezelfde verantwoordelijkheid ook voor de leverancier die het product bij de uitoefening van een handelsactiviteit heeft gedistribueerd, indien deze de beschadigde partij niet binnen drie maanden na het verzoek heeft meegedeeld, de gegevens van de producent of van de persoon die het product heeft geleverd (v. art. 116 kabeljauw. cons.).
Als de managers meer dan Ć©Ć©n zijn, zijn ze dat ook allemaal verplicht samen met compensatie; het betekent dat de gewonde persoon alleen om de betaling kan vragen en hij zal alles betalen, behalve om terug te gaan naar de anderen (v. art. 121 kabeljauw. cons.).
Als het dat blijkt de gewonden hebben bijgedragen bij het optreden van de schade zal de vergoeding worden verminderd volgens de gewone parameters van de burgerlijke code, dat wil zeggen in het bijzonder volgens de ernst van de schuld en de omvang van de gevolgen die daaruit voortvloeien (V. art. 1227 c.c., co.1). Compensatie is niet verschuldigd wanneer de beschadigde persoon op de hoogte was van het productdefect en het gevaar dat daaruit voortvloeit en desondanks vrijwillig zichzelf blootlegt. De wet herinnert aan de uitsluiting van schadevergoeding bij gebrek aan zorgvuldigheid van de benadeelde persoon als bedoeld inart. 1227, co. 2, c.c.

Recht om te handelen

Volgens de bovengenoemde zin n. 13458/2013 van het Hof van Cassatie, heeft het recht om te handelen, dat wil zeggen een vraag om compensatie voor de rechter, niet alleen degenen die het product hebben gekocht, maar ook degenen die het hebben gebruikt, zelfs als het niet de eigenaar is. Je kunt ook compensatie vragen, niet alleen de consument, maar ook de deskundige consument, of zelfs de professioneel. In feite werd besloten dat de wetgeving inzake aansprakelijkheid voor producten met gebreken sluit de bescherming van de cd niet uit. deskundige consumentā€¦ profilering van een type verantwoordelijkheid, waarbij de fout van de fabrikant wordt genegeerd en die leidt tot het gebruik van het defecte product. Daarom zijn al die onderwerpen die op de een of andere manier blootgesteld zijn geweest, zelfs af en toe, aan het risico dat voortvloeit uit het product met gebreken, gelegitimeerd om te handelen op basis van de specifieke bepalingen die worden voorgeschreven door de bovengenoemde verordening, verwijzend naar de bescherming die aan de gebruiker in bredere zin wordt verleend. en dus ongetwijfeld aan een natuurlijke persoon - zoals blijkt uit de identificatie van de schadevergoeding in die veroorzaakt door dood of persoonlijk letsel en de beperking van de vergoeding van materiĆ«le schade - maar niet uitsluitend aan de consument of niet-professionele gebruiker.
Noch de huidige plaatsing van de discipline binnen de consumentencode kan leiden tot een begrip van beschadiging in strikte zin, beperkt tot de natuurlijke persoon die handelt voor doeleinden die geen verband houden met de uitgevoerde professionele of ondernemersactiviteit. In tegengestelde zin moet worden opgemerkt dat de door verzoekster voorgestelde hermeneutische optie wordt tegengesproken door de afwezigheid in de onderzochte wetgeving van een specifieke verwijzing naar de consument en dat, zoveel mogelijk voor een uitlegging, de tekstuele gegevens worden weergegeven, vertegenwoordigd door de meer algemene verwijzing naar het beschadigde onderwerp (Cass. n. 13458/13).
Dientengevolge wordt verantwoordelijkheid eigenlijk gedefinieerd door veel van een soort onrechtmatige daaddat wil zeggen, losgekoppeld van een contract, zoals bijvoorbeeld de aankoop van het activum.

Coderingswet en consumptiecode

Volgensart. 127, co.1, cod. cons., de bepalingen van deze titel sluiten de rechten die door andere wetten aan de benadeelde worden toegekend niet uit of beperken deze niet; onder de andere wettenAllereerst zijn de voorschriften van het burgerlijk wetboek, die daarom van toepassing zijn, van primair belang.
In dit verband is vastgesteld dat de wetgeving inzake gebrekkige productschade niet in de plaats komt van het gewoonterecht, maar een instrument van verhoogde bescherming voor de consument vormt, die kan kiezen tussen contractuele rechtsmiddelen en hem niet door nationale wetgeving wordt aangeboden (v. Trib Pisa van 16 maart 2011 en Trib. Venetiƫ van 14 februari 2005).



Video: